14 juni 2022

10de Editie

Nederlands-Indië in de 19e en 20e eeuw: geweld, exploitatie en dekolonisatie

De West-Indische Compagnie (1621-1792)

Een particuliere Nederlandse handelsonderneming met een monopolie op de overzeese handel in het door de Staten-Generaal vastgestelde octrooigebied; met name de trans-Atlantische driehoekshandel op West-Afrika, de Cariben en Noord- en Zuid-Amerika.

History Matters over Nederlands-Indië in de 19e eeuw

Wat gebeurde er na de ontbinding van de Verenigde Oost-Indische Compagnie en hoe ontwikkelde het Nederlands kolonialisme zich in de 19e eeuw in Nederlands Indië? In een nieuwe aflevering van History Matters gaat Alicia Schrikker, universitair hoofddocent kolonialisme en wereldgeschiedenis aan de Universiteit Leiden, in op een aantal belangrijke thema’s: oorlog, dwang en exploitatie en de de groei van de koloniale samenleving.

“Er ging geen jaar voorbij dat er niet ergens een oorlog was”, legt Schrikker uit. “Gek dat we ons dat nu pas realiseren. Het zelfbeeld van Nederland was toch heel lang dat we een vreedzame natie waren. Dat wij voortdurend in oorlog waren, paste helemaal niet bij het beeld dat we van onszelf hebben.”

Dat oorlog niet paste bij het Nederlandse zelfbeeld resulteerde in versluierend en bagatelliserend taalgebruik. “Heel vaak werd het niet oorlog genoemd”, aldus Schrikker. “Maar pacificatie, precies het tegenovergestelde. Dat betekent dat het ook niet in het bewustzijn in Nederland neerdaalde.”

Ondertussen vormde de invoering van het Cultuurstelsel, waarbij de lokale bevolking gedwongen werd om gewassen zoals koffie, suiker en indigo voor Nederland te verbouwen als blauwdruk voor andere koloniale machthebbers. Schrikker: “De Britten waren enorm onder de indruk van die efficiëntie. En Leopold die uiteindelijk in Congo zijn kolonie sticht, nam het cultuurstelsel als voorbeeld van hoe hij kolonialisme wilde bedrijven.”

History Matters over Nederlands-Indië en Indonesië in de 20e eeuw

Wat gebeurde er in de eerste helft van de 20e eeuw in Indonesië dat leidde tot de onafhankelijkheid in augustus 1945 en het erkennen daarvan door Nederland in december 1949? Hierover vertelt journalist en schrijver Joss Wibisono in een nieuwe aflevering van History Matters.

Wibisono behandelt de tijdsperiode aan de hand van twee ontwikkelingen. Het ontstaan van politieke partijen in Indonesië vanaf 1912 en het besluit van de koloniale overheid in 1914 om de Hollands-Inlandse School op te richten.

History Matters wordt gemaakt in samenwerking met studenten van Zadkine, Albeda en Hogeschool Rotterdam. Een van de studenten vraagt Wibisono wat vandaag de dag nog terug te zien is van het koloniale verleden in Indonesië. “Die vraag wil ik graag horen”, reageert hij. “In Indonesië is het Nederlands niet meer in omloop. Het is een uitzondering. Bij alle koloniën moesten ze de taal van de kolonisator spreken, behalve bij Nederland.”

Dat er geen Nederlands gesproken wordt, wijdt Wibisono aan de VOC-mentaliteit. “Daarmee bedoel ik dat Indonesiërs het Nederlands niet meer spreken omdat Indonesië was gekoloniseerd door een bedrijf en niet door een nationale regering”, legt hij uit. “We weten dat een bedrijf het beleid heeft om de kosten te drukken.”

Wat er nog wel zichtbaar is? “Wat wij nu dus hebben is alleen oude gebouwen, maar in de tijd van Soeharto zijn oude gebouwen ook neergehaald”, aldus Wibisono. “Wat blijft er dan over? Misschien oude documenten en archieven. De kennis om de archieven te begrijpen, die missen we.”

10a. Nederlands Indië deel 1

10a. Nederlands Indië deel 2

Editie #10

Nederlands-Indië in de 19e en 20e eeuw: geweld, exploitatie en dekolonisatie